Niet lui, gewoon in winterslaap
Over cocoonen, kotsnachten en even wat minder doen.
De voorbije weken las ik opvallend veel over hibernation. Niet die versie waarbij je als beer een winterslaap doet, maar de menselijke variant. Winter als seizoen om je terug te trekken. Minder doen, meer slapen, binnen blijven, een boek pakken, soep eten, het thuis gezellig maken en vooral… nergens moeten zijn. Ik voelde mij gezien.
Gratis bacillen en een kusje voor de grond
Want hier begon januari niet met frisse wandelingen en nieuwe energie, maar met… bacillen. Veel bacillen. Onze dochter startte haar allereerste schoolweek met groot succes. Volle dagen, geen tranen en elke dag met veel plezier naar het klasje. Alleen vergat de school te vermelden dat ze ook een gratis abonnement op alle circulerende bacillen meegaf.
We waren al snel met z’n drieën snotverkouden. Dochterlief had er na enkele dagen veel minder last van. Wij als ouders blijven hangen in die halfzieke modus waarin je functioneert, maar liever horizontaal zou liggen.
Alsof dat nog niet genoeg was, besloot ze woensdagmiddag de zwaartekracht te testen. Met haar handjes netjes in haar zakken ging ze volle vaart vooruit en jawel… met een kusje voor de grond. Drama, bloed, ouderhart in paniek en een dikke lip voor dochterlief. Gelukkig bleek het na een paar dagen alweer een voetnoot in haar leven. Peuters vergeten snel. Ouders iets minder.
En toen kwam het weekend.
Vrijdagavond kotste ze haar bed onder. En daarna, veel fijner, tussen ons in. Niets zo romantisch als om drie uur 's nachts wasjes draaien. Het bleef gelukkig bij twee keer, waarna haar lichaam besloot: we doen dit anders.
De zaterdag bracht nieuwe avonturen, chocomelk die langs haar benen stroomde. Ik zal de details besparen, maar het was een gezellige voormiddag.
Misschien heeft mijn lichaam gelijk…
Zaterdagmiddag was ik kapot. Stem weg, energie weg, nog steeds snotverkouden. Dus ik deed iets wat ik nooit doe, ik ging liggen op de zetel. Dochter voelde zich wat beter en verhuisde haar knutselgerief naar het salontafeltje naast mij. Na een tijdje was ze dat ook beu en kroop ze tegen mij aan. Twee uur later werden we samen wakker. Ik voelde mij oprecht beter. Alsof mijn lichaam had gezegd: zie je wel, dit bedoelde ik.
En plots snapte ik het.
Dat hele hibernation-verhaal. Dat de winter niet vraagt om meer, maar om minder. Minder plannen, minder avontuur, meer rust, meer dutjes. (Ja, dat klopt trouwens: in de winter maakt je lichaam meer melatonine aan door minder daglicht, waardoor je sneller slaperig bent. Ik ben dus niet lui, ik ben seizoensbewust.)
Dus ja, middagdutjes mogen. Cocoonen mag. Niet elk weekend hoeft gevuld. Zeker niet als je lijf al weken roept dat het even op adem wil komen. Natuurlijk spelen verkoudheden, werkdruk en een peuter die non-stop “kijk mama!” zegt mee. Maar toch. Ik voel het ook los daarvan.
Misschien is hibernation geen trend, maar gewoon luisteren. Naar wat januari fluistert, terwijl wij ons best doen om te blijven rennen. En ja, ik ren later wel weer. Eerst nog even liggen. Met een dekentje. En hopelijk zonder wasmachine deze keer.
💬 Wat betekent hibernation voor jou?
Rust, stilte, minder plannen… of gewoon vroeger in bed?
Wanneer sta jij jezelf toe om even niet productief te zijn?
Wat helpt jou om te cocoonen zonder schuldgevoel?
Op welke manier vraagt jouw winter om minder, in plaats van meer?
Ik ben benieuwd hoe jij naar “hibernation” kijkt. Laat mij jouw antwoord weten in de comments of stuur mij een berichtje. Ik hoor graag van je!






Och ja herkenbaar hoor als ziek zelf en doooooor. Hier sinds Woensdag al niet meer geslapen door gezondheidsklachten van Noa. Op mijn tandvlees maar neem juist vandaag extra veel rust en minder moetjes.
Ik werk nu even niet, dan kan ik heel goed cocoonen, in de zin van: lekker lang in m'n pyjama rondhangen. Als ik gewoon werk, komt daar niks van terecht, dan is elk stukje dag en avond gepland